
‘Ruwvoer geeft extra smaak aan vlees’
Hans Luijerink uit Overdinkel is een rosévleeskalverhouder. Hij vindt vooral de smaak van het vlees onovertroffen. “Het heeft de bite van rundvlees en de malsheid van kalfsvlees.”
Ruwvoer
De specifieke smaak komt volgens hem vooral door het voer dat de dieren krijgen. Tot aan ongeveer acht weken leeftijd krijgen de kalveren overwegend melk. Daarna tot aan de slachtrijpe leeftijd van ongeveer tien maanden krijgen ze alleen nog ruwvoer. Luijerink geeft ze mais en graan- en aardappelproducten die overblijven uit de levensmiddelenindustrie.
Op stro
Een gedeelte van de kalveren ligt op stro. Een strostal is een mooi gezicht maar heeft ook nadelen. “Mijn ervaring is dat kalveren op stro iets vatbaarder zijn voor ziekten.” Daarnaast kost het stro en het extra werk Luijerink ongeveer 100 euro per kalf meer dan wanneer hij rosévleeskalveren op een traditionele manier houdt. “Strostallen zijn daarom alleen interessant als consumenten hiervoor meer willen betalen. Als dat niet het geval is, zullen deze stallen geen opmars maken.”
Erg afwisselend
Het werk op een bedrijf met rosévleeskalveren is erg afwisselend. Luijerink heeft met veel mensen contact, zoals kalverhandelaren, vertegenwoordigers van veevoer en inkopers van slachterijen. “Je weet deze week niet wat de volgende brengt. Het werk is daarom nooit een sleur en dat maakt het zo mooi.”

